Off-grid installatietechniek

NEN 1010 tiny house: welke eisen gelden voor kleine woningen?

Thomas van der Heijden Thomas van der Heijden
· · 6 min leestijd

Een tiny house bouwen is één ding, maar zonder veilige stroom en water kom je niet ver. De NEN 1010 is de Nederlandse norm voor laagspanningsinstallaties.

Inhoudsopgave
  1. Wat is de NEN 1010 precies?
  2. De kern van de NEN 1010 voor tiny houses
  3. Praktische uitvoering: van groepenkast tot wandcontactdoos
  4. Off-grid versus aansluiting op het net
  5. Vergunning en keuring: de praktische stappen
  6. Veelgemaakte fouten en hoe je ze vermijdt
  7. Prijsindicaties en materiaalkeuze
  8. Praktische tips voor je tiny house installatie

Voor een tiny house betekent dit: jouw elektrische installatie moet voldoen aan deze regels om brandveilig te zijn en om een vergunning te krijgen.

Het is niet sexy, maar het is de basis van je vrijheid. Veel starters op een tiny house denken dat ze alles zelf kunnen fixen met een bouwmarkt-pakket. Dat is een gevaarlijke gedachte.

De NEN 1010 is streng, en terecht. In een kleine ruimte waar je slaapt, kookt en leeft, is de afstand tussen stopcontacten en water minimalistisch. Dat vraagt om specifieke maatregelen.

Wat is de NEN 1010 precies?

De NEN 1010 is de norm die eisen stelt aan de ontwerp- en uitvoeringskwaliteit van elektrische installaties.

Het is de basis voor elke woning in Nederland, dus ook voor jouw tiny house. Je mag hier niet van afwijken als je een veilige en vergunningsgeschikte installatie wilt. De norm dekt alles: van de groepenkast en de bedrading tot de plaatsing van stopcontacten en schakelaars. Het gaat vooral om bescherming tegen elektrocutie en brand.

In een tiny house is de keuken, woonkamer en slaapkamer vaak één ruimte. Dat maakt de eisen extra relevant.

Je hoeft niet de hele norm uit je hoofd te leren. Wel moet je begrijpen waarom bepaalde regels bestaan.

Bijvoorbeeld: waarom mag een stopcontact niet direct boven de aanrechtblad? Omdat spatwater anders direct in de contactdoos kan lopen. In een tiny house is dat risico extra groot.

De kern van de NEN 1010 voor tiny houses

De belangrijkste eisen voor jouw tiny house draaien om drie dingen: groepenkast, aarding en scheiding.

Een tiny house heeft vaak een beperkte hoofdaansluiting, meestal 1-fase of soms 3-fase. Je groepenkast moet daarop zijn afgestemd. Een standaard tiny house heeft minimaal 3 groepen nodig: één voor de verlichting, één voor de wandcontactdozen (WCD’s) en één voor de keukenapparatuur. Daarnaast is een aardlekschakelaar (type A of B) verplicht.

In een tiny house met veel elektronica (omvormer, koelkast, laptop) is een aardlekschakelaar type B aan te raden, omdat deze ook reageert op gelijkstroomlekkage. De afstand tot water is cruciaal.

Volgens NEN 1010 moet er voldoende bescherming zijn tegen waterinslag. In een tiny house betekent dit dat je stopcontacten in de keuken en badkamer minimaal IP44 moeten zijn (spatwaterdicht). Beter is IP65.

De afstand tot de waterleiding moet minimaal 60 cm zijn, tenzij je extra bescherming aanbrengt.

Praktische uitvoering: van groepenkast tot wandcontactdoos

Laten we kijken naar de praktische opbouw. De groepenkast is het hart van je installatie.

Voor een tiny house kies je een compacte kast, bijvoorbeeld van Hager of Attema. Een kast met 4-6 groepen is vaak voldoende. Kosten: tussen €150 en €300 voor de kast inclusief automaten en aardlekschakelaars.

De bedrading moet voldoen aan de norm. Gebruik alleen goedgekeurd materiaal, zoals NYM-kabel (dubbel geïsoleerd).

De dikte hangt af van het vermogen. Voor een standaard groep gebruik je 2,5 mm² voor WCD’s en 1,5 mm² voor verlichting. Voor de keuken (vaak een 16A groep) gebruik je minimaal 2,5 mm², maar beter is 4 mm² als je veel vermogen trekt.

De plaatsing van contactdozen is strikt geregeld. In de keuken moeten WCD’s minimaal 10 cm boven het aanrechtblad zitten.

In de badkamer mogen stopcontacten alleen buiten de natte zone (volgens de NEN 1010 indelingszones).

Een tiny house badkamer is vaak klein, dus plan dit zorgvuldig. Een IP65-wandcontactdoos kost ongeveer €15 tot €25 per stuk.

Off-grid versus aansluiting op het net

Een tiny house kan off-grid of aangesloten op het net. De NEN 1010 geldt voor beide, maar de uitvoering verschilt.

Als je op het net zit, heb je een slimme meter en een vaste aansluiting nodig. De netbeheerder eist dat je installatie goedgekeurd is door een erkend installateur. Off-grid betekent dat je eigen energie opwekt met zonnepanelen en opslaat in batterijen.

De NEN 1010 eist dan dat je omvormer en laadcontroller voldoen aan de veiligheidsnormen.

Een omvormer moet bijvoorbeeld beschikken over een DC-Disconnect voor noodstop. Ook de batterijopstelling moet voldoen aan brandveiligheidseisen (minimaal 30 minuten brandwerendheid). Prijsindicatie voor een off-grid systeem: een basissysteem (2 zonnepanelen, 1 batterij, omvormer) kost ongeveer €2.000 tot €3.500. Een uitgebreider systeem (4-6 panelen, 5 kWh batterij) loopt op tot €5.000 tot €8.000. Houd rekening met extra kosten voor montage en bekabeling.

Vergunning en keuring: de praktische stappen

Zonder vergunning geen tiny house. De gemeente eist meestal een installatiecertificaat.

Dit krijg je alleen als je installatie voldoet aan de NEN 1010. Een erkend installateur (SCIOS of STEK) moet de installatie controleren en aftekenen. Stap 1: Vraag bij je gemeente na wat de eisen zijn voor een tiny house.

Soms is een vergunningsvrij traject mogelijk, maar dan nog moet je voldoen aan de bouwbesluitnormen. Stap 2: Laat een installatieplan maken.

Dit plan toont de groepenkast, de bedrading en de plaatsing van contactdozen.

Stap 3: Uitvoering. Je kunt het zelf doen, maar de eindkeuring moet door een professional. Kosten voor keuring: €200 tot €400. Een complete installatie laten doen door een installateur: tussen €1.500 en €3.000, afhankelijk van de complexiteit en materiaalkeuze.

Veelgemaakte fouten en hoe je ze vermijdt

Een veelvoorkomende fout is het gebruik van te dunne kabels. In een tiny house loop je snel tegen de limieten aan. Een kookplaat (inductie) trekt veel vermogen.

Gebruik je 2,5 mm², dan kan de kabel oververhitten. Los dit op met een 4 mm² kabel en een aparte groep.

Een andere fout is het vergeten van de aardlekschakelaar. Zonder aardlekschakelaar is je installatie niet veilig.

In een tiny house met veel vocht (badkamer, keuken) is lekkage een reëel risico. Kies voor een aardlekschakelaar type A of B, en test deze maandelijks. Ten slotte: de plaatsing van stopcontacten in de natte zone.

In een tiny house badkamer mag je geen standaard WCD’s plaatsen. Gebruik alleen IP65 of hoger.

En zorg dat er geen stopcontacten binnen 60 cm van de douchecabine of wastafel zitten, tenzij je een extra afscherming aanbrengt.

Prijsindicaties en materiaalkeuze

De kosten voor een NEN 1010-conforme installatie hangen af van je keuzes.

Een budget installatie (basisgroepenkast, standaard WCD’s, 1-fase) kost ongeveer €800 tot €1.500. Dit is geschikt voor een tiny house zonder zware apparaten.

Een middenklasse installatie (compacte groepenkast, IP65 WCD’s, 3-fase voor zonnepanelen) kost tussen €1.500 en €2.500. Dit is een goede keuze als je van plan bent om veel elektrisch te koken en te verwarmen. Een premium installatie (uitgebreide groepenkast, aparte groepen voor warmtepomp, off-grid systeem) loopt op tot €3.000 tot €5.000. Dit is voor wie volledig zelfvoorzienend wil zijn en geen compromissen wil sluiten op comfort en veiligheid.

Praktische tips voor je tiny house installatie

Plan je installatie voordat je de wanden dichtmaakt. Teken een plattegrond met alle stopcontacten, schakelaars en aansluitingen.

Denk na over je toekomstige gebruik: wil je straks een airco, een wasmachine of een elektrische auto?

Zorg dat je groepenkast hierop is voorbereid. Kies voor kwaliteit, niet voor de goedkoopste optie. Een goede groepenkast van Hager of Attema gaat jaren mee en voorkomt problemen.

Bespaar niet op de aardlekschakelaar of de bedrading. Het is een investering in je veiligheid.

Laat je installatie controleren door een professional. Zelfs als je het grootste deel zelf doet, is een keuring door een SCIOS-erkende installateur essentieel. Dit kost geld, maar het bespaart je problemen met de gemeente en voorkomt brandgevaar. Een tiny house is klein, maar de risico’s zijn groot.


Thomas van der Heijden
Thomas van der Heijden
Tiny House Bouwer & Off-Grid Installateur

Thomas bouwde de afgelopen 7 jaar zes tiny houses en legde meer dan 15 off-grid systemen aan voor particulieren. Hij testte verschillende isolatiematerialen en zonnepakketten in de praktijk en schreef hierover voor Tiny House Magazine. Op deze site deelt hij zijn bouwtekeningen en ervaringen met installaties die echt werken.

✓ Geverifieerd auteur ✓ Doelgroepen & Levensstijl, Modellen & Bouwers, Off-Grid & Installatietechniek
Thomas van der Heijden
Thomas van der Heijden
Tiny House Bouwer & Off-Grid Installateur

Thomas bouwde de afgelopen 7 jaar zes tiny houses en legde meer dan 15 off-grid systemen aan voor particulieren. Hij testte verschillende isolatiematerialen en zonnepakketten in de praktijk en schreef hierover voor Tiny House Magazine. Op deze site deelt hij zijn bouwtekeningen en ervaringen met installaties die echt werken.

Meer over Off-grid installatietechniek

Bekijk alle 2156 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Victron Energy tiny house: complete off-grid stroominstallatie 2026
Lees verder →