Je bent eruit: je wilt een tiny house van Mill Home. Misschien heb je hun showroom in Joure al bezocht, of heb je die ene video gezien waarin ze een model met een verrijdbare keuken tonen. Het voelt goed, het ziet er strak uit.
▶Inhoudsopgave
Maar dan komt de grote vraag: wat kost het echt? Niet alleen de basisprijs, maar alles eromheen.
Je wilt geen verrassingen achteraf. In dit overzicht duiken we in de prijslijst van Mill Home voor 2026, splitten we de kosten per modeltype en kijken we naar wat je jaarlijks kwijt bent. Zo weet je precies waar je aan toe bent, voordat je de handtekening zet.
De Mill Home basisprijzen: wat staat er op de prijslijst?
Een tiny house van Mill Home is geen kant-en-klaar product uit een doos.
Het is een bouwsysteem dat je zelf verder kunt afbouwen of volledig kunt laten verzorgen. De basisprijzen in 2026 hangen af van het model en de afbouwgraad.
Over het algemeen starten de prijzen voor een losse casco-unit (dus zonder installaties, keuken of badkamer) rond de €45.000. Voor een volledig afgewerkte woning, inclusief keuken, sanitair en vloeren, betaal je al snel tussen de €85.000 en €120.000. Dit is afhankelijk van de grootte, de gebruikte materialen en de mate van maatwerk. Mill Home biedt verschillende modellen aan, zoals de Mill Home 30, 40 en de grotere 50 series.
De Mill Home 30 (ca. 30 m²) is de compacte starter, ideaal voor een solistisch leven of als mantelzorgwoning.
De Mill Home 40 (ca. 40 m²) biedt meer ruimte voor een stel of iemand die veel thuiswerkt. De grootste, de 50 series, gaat richting de 50-60 m² en is geschikt voor kleine gezinnen.
De basisprijs voor een casco Mill Home 30 ligt in 2026 rond de €47.500. Voor de 40 series reken je op zo’n €52.000.
De 50 series start bij ongeveer €58.000. Dit zijn bedragen voor de unit zelf, exclusief transport, fundering en vergunningen.
Let op: de basisprijs is vaak een "vanaf"-prijs. Dat betekent dat je voor de standaarduitvoering met standaard kleuren en materialen betaalt. Wil je een specifieke gevelbekleding, zoals zwart hout of groene aluminium platen, dan komen daar kosten bij.
Ook de indeling heeft invloed op de prijs. Een open indeling is vaak goedkoper dan een indeling met veel wanden en deuren. Mill Home is transparant in hun prijsopbouw, maar het is slim om bij het eerste gesprek direct te vragen naar de meerprijzen voor jouw specifieke wensen.
Prijsklassen op een rij: budget, midden en premium
Om het overzichtelijk te maken, hebben we de prijzen van Mill Home in drie tiers gesplitst. Deze indeling helpt je om keuzes te maken die bij je budget passen, zonder in te leveren op de kwaliteit van de basisconstructie. Het grote verschil zit 'm in de afbouw, de keuken, de badkamer en de installaties.
De budget categorie is voor de handige harry of degene die het afbouwen zelf leuk vindt.
Budget: de basis voor de doe-het-zelver (€45.000 - €65.000)
Je koopt bij Mill Home de casco-unit: de houten structuur, het geïsoleerde casco, de ramen en de deuren. De unit wordt geleverd, en vanaf daar ben jij de baas.
Je installeert zelf de keuken (die je bij IKEA of een bouwmarkt haalt), het sanitair en de vloeren. De totale kosten voor zo’n project, inclusief je eigen materiaal en uren, komen dan uit op een bedrag tussen de €55.000 en €65.000. Dit is de meest voordelige manier om een Mill Home te krijgen. Het nadeel?
Het kost je veel tijd. Reken op 3 tot 6 maanden full-time werken als je het alleen doet.
Een concreet voorbeeld: een Mill Home 30 casco kost €47.500. Je koopt een keukenblok voor €2.000, een eenvoudig sanitair pakket voor €1.500 en vloerisolatie en laminaat voor €2.000. Je doet de elektra zelf (mits je een certificaat hebt) en huurt iemand voor de wateraansluiting. De totaalprijs blijft onder de €60.000.
Midden: comfortabel en compleet (€70.000 - €95.000)
Dit is een realistische optie voor starters met een beperkt budget maar veel doorzettingsvermogen. Het middensegment is het populairst.
Hier kies je voor een "turnkey" of bijna-turnkey oplossing. Mill Home levert de unit en neemt de afbouw uit handen.
Je krijgt een complete woning met een nette keuken (vaak van een keukenboer zoals Bruynzeel of een maatwerkoplossing), een badkamer met douche, toilet en wastafel, en een complete installatie voor elektra en water. De wanden worden afgewerkt met gyproc of hout, de vloer wordt gelegd en de verlichting wordt opgehangen. Voor een Mill Home 40 in het middensegment betaal je in 2026 ongeveer €82.000.
Dit is inclusief een degelijke keuken met inbouwapparatuur (koelkast, inductiekookplaat, afzuigkap), een badkamer met een douchebak en mengkraan van goed niveau, en vloerverwarming. De buitenzijde is afgewerkt met onderhoudsarm materiaal. Dit is de prijsklasse waarin je weinig zelf meer hoeft te doen, behalve verhuizen en je meubels neerzetten.
Premium: luxe en maatwerk (€95.000 - €130.000+)
Het is een veilige keuze zonder de hoofdprijs te betalen. Voor wie net dat beetje extra wilt.
De premium categorie gaat verder dan alleen een afgewerkte woning. Hier kies je voor hoogwaardige materialen, een luxe keuken met natuurstenen blad, een inloopdouche met regendouche en een badkamermeubel van massief hout.
De installaties zijn vaak uitgebreider: denk aan een warmtepomp, zonnepanelen en een uitgebreid domotica-systeem voor de verlichting en verwarming. Een Mill Home 50 series in de premium uitvoering kan makkelijk richting de €120.000 gaan. Dit is inclusief een hoogwaardige keuken van een merk als Schmidt of Keukenmaxx, een badkamer met vloerverwarming en wandverwarming, en een uitgebreid isolatiepakket (bijna passief huis niveau).
Ook de buitenzijde wordt extra mooi afgewerkt, bijvoorbeeld met thermisch gemodificeerd hout of zink.
Dit is de optie voor mensen die direct willen wonen in een huis dat voelt als een luxe appartement, maar dan op een kleinere voet.
Total Cost of Ownership: wat ben je jaarlijks kwijt?
De aanschafprijs is maar één kant van de medaille. Om je droom niet in een financiële nachtmerrie te veranderen, moet je kijken naar de Total Cost of Ownership (TCO).
Dit zijn alle kosten die je maakt over een periode van 1, 2 of 3 jaar, naast de hypotheek of financiering. Het eerste jaar is duur. Naast de aanschaf van het huis (laten we uitgaan van een middenmodel van €85.000), zijn er kosten voor de fundering.
Jaar 1: de investeringsfase
Een schroeffundering kost al snel €3.000 tot €5.000. Dan de vergunning: bij de gemeente betaal je leges, variërend van €500 tot €2.000, afhankelijk van de gemeente.
Vergeet de aansluiting op het netwerk niet: een water-, gas- (of warmtepomp) en elektra-aansluiting kost al snel €1.500. Als je het huis op een perceel zet, zijn er vaak ook kosten voor de inrit of een terras. Reken in het eerste jaar, naast de hypotheek, op zo’n €8.000 - €10.000 aan bijkomende kosten.
Jaar 2 en 3: de exploitatiefase
Als het huis eenmaal staat, zijn de vaste lasten relatief laag. Een tiny house van Mill Home is goed geïsoleerd, dus de energiekosten zijn beperkt.
Voor een huis van 40 m² met een warmtepomp en zonnepanelen (die je vaak zelf moet aanschaffen, ca. €4.000) liggen de energiekosten op jaarbasis tussen de €400 en €800, afhankelijk van je verbruik.
De WOZ-waarde is laag, dus de onroerendezaakbelasting (OZB) is minimaal (vaak onder de €200 per jaar). Verzekering is een post die vaak vergeten wordt. Een tiny house verzekeren kan lastiger zijn dan een regulier huis. Een opstalverzekering kost tussen de €300 en €500 per jaar.
Onderhoudskosten: houten gevels moeten om de 5 jaar worden geschilderd (of behandeld), dat kost ongeveer €1.000 per keer. Over 3 jaar gezien, naast de hypotheeklasten, ben je dus gemiddeld zo’n €1.500 per jaar kwijt aan vaste lasten en onderhoud, exclusief de financieringslasten.
Vergelijking: goedkoop vs. duur, wat kies je?
Stel, je hebt €60.000 te besteden. Kun je dan een Mill Home kopen?
Ja, maar alleen als je heel veel zelf doet (budget optie). Of je moet een bestaand tweedehands model kopen.
De goedkoopste optie is de casco-unit. Je bouwt hem zelf af. Dit bespaart je makkelijk €20.000 tot €30.000 aan arbeidskosten. Het risico?
Je hebt geen garantie op de afbouw en het kan technisch misgaan als je niet weet wat je doet. Een lekkage door zelf geïnstalleerde leidingen kan duur uitpakken.
De dure optie, de volledig afgewerkte premium unit, kost meer geld, maar levert je ook wat op. Je hebt garantie op de gehele woning, vaak 10 jaar op de constructie en 2 jaar op de installaties. De kwaliteit van de afwerking is hoger, wat de woningwaarde op de lange termijn ten goede komt. Bovendien is de levertijd vaak korter omdat Mill Home de planning in eigen hand heeft.
De middenweg: slim combineren
Kies je voor de goedkope optie, dan ben je vaak 6 tot 12 maanden langer bezig.
Kies je voor de dure optie, dan ben je geld kwijt, maar woon je sneller en met meer comfort. Een slimme tussenweg is om de casco-unit van Mill Home te kopen, maar de keuken en badkamer door een specialist te laten plaatsen. Je bespaart op de algemene bouwkosten, maar garandeert de kritieke installaties.
Dit is vaak de beste balans tussen prijs en kwaliteit. De totale kosten komen dan uit op zo’n €70.000, wat een stuk goedkoper is dan de volledige turnkey optie, maar wel veiliger dan alles zelf doen.
Concrete bespaartips voor je Mill Home project
Wil je besparen zonder in te leveren op de kwaliteit van je huis? Hier zijn praktische tips die je direct kunt toepassen. Deze tips zijn specifiek voor de situatie in Joure en de manier waarop Mill Home werkt.
- Kies voor een standaardmodel: Mill Home heeft vaste modellen. Maatwerk is duur. Kies de Mill Home 30 of 40 zonder aanpassingen in de indeling. Elke wijziging in de plattegrond kost geld (vaak €1.000 - €2.000 per wijziging).
- Doe de schilder- en timmerwerk: Als je handig bent, kun je de wandafwerking en het schilderwerk van de binnenzijde zelf doen. Dit levert al snel €3.000 op. Laat de installaties (elektra, water) wel over aan een professional.
- Combineer je aankopen: Vraag Mill Home of ze een deal hebben met een keukenleverancier. Soms kun je via hen een keuken krijgen met korting. Of koop een toonkeuken bij een keukenwinkel in Friesland; die zijn vaak 30-50% goedkoper.
- Let op de vergunning: Vraag bij de gemeente Súdwest-Fryslân (waar Joure onder valt) tijdig een pre-overleg aan. Een vergunning die wordt afgewezen kost je alleen maar tijd en geld. Zorg dat je ontwerp voldoet aan het bestemmingsplan, dan bespaar je op juridische kosten.
- Zelf de fundering regelen: Overleg met Mill Home of je de fundering (zoals schroeffunderingen) zelf mag leggen. Als je hier ervaring mee hebt, scheelt dit flink in de kosten. Een professionele partij rekenen al snel €5.000, terwijl de materialen zelf minder dan de helft kosten.
Conclusie: wat betekent dit voor jou?
Een tiny house van Mill Home in Joure is een serieuze investering, maar met een duidelijke prijsstructuur.
Of je nu kiest voor de budget optie vanaf €45.000 of de luxe versie tot €130.000, het draait om planning. Vergeet de bijkomende kosten niet: fundering, vergunningen en installaties.
Door slim te kiezen en sommige dingen zelf te doen, kun je duizenden euro's besparen zonder in te leveren op comfort. Je droom is dichterbij dan je denkt, zolang je de rekening maar kent.